Guidance modelbeoordeling voor Nederland, de Nederlandse kustwateren en
de Noordzee, gebaseerd op de HARMONIE run van 00 UTC en de overige
genoemde modellen en gidsen met bijbehorende runtijd. 

Geldig tot donderdag 29 juli 2021 24.00 locale tijd

Opgesteld op woensdag 28 juli 2021 om 05.53 uur

MODELLENBEOORDELING.
SYNOPTISCHE SITUATIE:
Een laag boven het oosten van Schotland diept uit en is aanvankelijk
vrijwel stationair. Donderdag trekt het laag langzaam naar de
noordelijke Noordzee. Om dit laag wordt met een zuidwestelijke stroming
vrij vochtige maritieme lucht aangevoerd. Een diffuse occlusie behorend
bij het secundaire laagje (ThetaW950 rond 15C) trekt in de ochtend van
zuidwest naar noordoost over het land. Het ingedraaide deel hiervan
verlaat in de loop van de middag het noordoosten. In het 'verlengde' van
de ingedraaide occlusie loopt een NNO-ZZW georinteerde trog in de loop
van de middag en -avond oostwaarts over het land. Na passage hiervan
wordt er met een iets geruimde stroming drogere lucht aangevoerd. In de
nacht naar donderdag passeert een trog. Donderdag overdag staat er een
stevige west- tot zuidwestelijke stroming en passeert gedurende de
middag een vlakke rug van west naar oost. Daar vooruit is een zwakke
WZW-ONO georienteerde convergentielijn aanwezig. Op 500 hPa trekt morgen
een hoogtelaag via de centrale Noordzee naar het zuiden van
Scandinavie.

MODELBEOORDELING:
Synoptisch gezien zijn de modellen consistent. De Harmonies geven de
buien het beste weer, beduidend beter dan Hirlam en EC. Het accent van
de buiigheid overdag lijkt op het westen en noordwesten te liggen, onder
de linkeruitgang van een jet. De modellen laten dit consistent zien.
Naar het zuidoosten toe komt de buiigheid later op gang en lijkt deze
juist te worden onderdrukt. De trog die donderdag in de nacht en vroege
ochtend passeert, zit eveneens consistent in de diverse uitvoer. In de
grenslaag lijkt HAP1 de uitgebreidheid van de St het beste weer te geven
boven land, de overige modellen onderschatten de hoeveelheid St.

AANDACHTSPUNTEN.
WIND:
In de loop van de ochtend met name aan de zuidkant van en achter de
ingedraaide occlusie langs de kust en boven het IJsselmeer 6 Bft,
mogelijk 7 Bft. Boven land wordt de wind in de loop van de dag
behoorlijk vlagerig (lokaal 30-35, aan de kust op uitgebreide schaal
35-40 knopen). Donderdag blijft de wind flink doorstaan, 6-7 Bft aan de
kust. Noord van de Wadden dan zware windstoten tot ca. 90 km/uur.

BEWOLKING:
De komende uren boven land op steeds meer plaatsen tijdelijk St. Ook
boven zee lokaal St. Boven zee soms nog ingebedde Cb's met toppen tot
ca. FL300/-40C. De onstabiliteitsdiepte neemt van het zuidwesten uit
geleidelijk af en overdag gaan de toppen bij de buien geleidelijk naar
beneden; in het zuiden gaan de toppen woensdag nog tot FL150/-10C, in
het noorden tot FL200/-20C. Donderdag lijken de toppen op de
convergentielijn niet hoger te komen dan FL100-150, ten noorden van de
Wadden echter nog steeds FL200-250, vooral op de trog die in de nacht en
ochtend passeert.

NEERSLAG:
Belangrijkste aandachtspunt zijn de buien op de trog vanmiddag in het
westen en noorden. De CAPE-waarden liggen boven land met 400-700 J/kg
beduidend lager. Met de afnemende tophoogten en toptemperaturen tot
-20C is er in het noorden slechts een kleine kans op onweer. Schering
is gering, 10-15 knopen, overwegend single cell. Wat noordelijker boven
zee is de onweerskans groter onder de linkeruitgang.
Donderdag in de nacht en vroege ochtend enkele buien op een trog. Na
passage hiervan nog slechts een enkele lichte bui op een
convergentielijn die net voor de trekrug aanwezig is. CAPE dan nog
slechts 100-200 J/kg.

ZICHT:
De eerste uren lokaal nevel. Verder goed zicht, in buien uiteraard soms
sterk teruglopende zichten, met name vanavond. Donderdag met meer wind
prima zichtwaarden.

TEMPERATUUR:
Geen bijzonderheden.



Paraaf meteoroloog: buscher